De Amerikaanse aandelen eindigden vrijdag lager, waarbij de wekelijkse verliezen werden verlengd door stijgende olieprijzen en slechter dan verwachte werkgelegenheidscijfers die het sentiment drukten. De Dow Jones Industrial Average daalde met 453,19 punten, ofwel 0,95%, om te sluiten op 47.501,55 na eerder in de sessie bijna 950 punten te zijn gedaald. De S&P 500 daalde met 1,33% naar 6.740,02, terwijl de Nasdaq met 1,59% daalde en eindigde op 22.387,68. Oliemarkten waren een belangrijke drijfveer van volatiliteit. West Texas Intermediate (WTI) ruwe olie steeg boven de $90 per vat en eindigde de week met een stijging van ongeveer 35%, de grootste wekelijkse stijging sinds de olie-futures begonnen te verhandelen in 1983. De prijzen stegen nadat de Amerikaanse president Donald Trump in een bericht op Truth Social zei dat er geen overeenkomst zou komen om de oorlog tussen de VS en Iran te beëindigen zonder een “onvoorwaardelijke overgave” van Iran. “We geloven dat de duur de bepalende factor zal zijn voor de uiteindelijke prijsontwikkeling van energie. “Zonder een duidelijke definitie van wat winnen inhoudt, is het moeilijk te voorspellen of dit een conflict van meerdere weken of maanden zal zijn,” zeiden RBC Capital Markets-strategen onder leiding van Helima Croft in een nota. Aandelen werden ook onder druk gezet door teleurstellende arbeidsmarktcijfers. Het Bureau of Labor Statistics meldde dat de niet-agrarische werkgelegenheid in februari met 92.000 daalde, wat scherp contrasteert met de naar beneden bijgestelde stijging van 126.000 in januari en de verwachtingen van economen voor een stijging van 50.000, volgens een enquête van Dow Jones. De werkloosheidsgraad steeg licht van 4,3% naar 4,4%.
Voor de week daalde de S&P 500 met 2%, de Dow daalde met 3%, en de technologiezware Nasdaq viel met 1,2%.

Vorige week zaterdag begon de oorlog met Iran. Trump gaf toen al aan dat hij dacht dat deze oorlog vier weken zou gaan duren. Negen dagen later en we zien dat de beurzen ongeduldig zijn. De kwestie Venezuela was snel opgelost. In één actie werd Maduro van zijn bed gelicht en nu wil de regering in Venezuela graag meewerken met Trump. In Iran is in de eerste aanval de Ayatollah omgekomen en zijn er ondertussen al een paar opvolgers geweest. Nu is de zoon van de oud-Ayatollah benoemd tot de nieuwe Ayatollah. Hij staat bekend als iemand die graag met de Iraanse Garde optrekt en wil de harde lijn voortzetten. Niet iemand met wie de huidige Amerikaanse regering wil samenwerken. Ondertussen zijn er aanvallen geweest van Iran op verschillende schepen die olie bij zich hebben en de Straat van Hormuz willen passeren. Deze Straat van Hormuz is nu gesloten en dat zien we aan de olieprijzen. Deze schoten dit weekend omhoog naar bijna $120 voor een vat olie. De beurzen laten forse dalingen zien, voordat de handelsdag begint. De vraag is nu tot hoever de olieprijs kan stijgen. Sommige analisten voorzien een prijs van $150 en daarmee een wereldwijde economische crisis. Alles hangt af van hoelang de Straat van Hormuz gesloten blijft. Mocht dit maar een paar weken zijn, dan kunnen de prijzen nog wel wat verder oplopen, maar niet naar $150. Als binnen een paar weken het regime is gevallen en net zoals in Venezuela komt er een regering die Amerikaanse gezind is, dan zullen de olieprijzen fors gaan dalen. Aan de andere kant, als de Straat van Hormuz dichtblijft, kunnen olieprijzen nog hoger stijgen. We zitten in een jaar waarin tussentijdse verkiezingen zijn in Amerika. De heer Trump heeft tijdens zijn verkiezingsbelofte gezegd dat hij de prijs van een vat olie wil halveren. Tijdens de jaren dat de heer Biden president was, lag de gemiddelde olieprijs op $78,5. Voordat Venezuela begon te spelen, lag de prijs van een vat olie rond de $55. Voor de heer Trump staat er dus veel op het spel, als hij zijn verkiezingsbelofte wil nakomen. De geschiedenis leert ons dat beleggen tijdens oorlogen meestal positief uitvalt. Al zijn de eerste paar weken vaak fors negatief. Wij denken dat de geschiedenis zich zal herhalen! Amerika heeft de grootste economie ter wereld. Amerika hoeft geen olie te importeren. Men is zelfvoorzienend. China heeft een groter probleem, net als India en nog een aantal landen. Wij denken dat de heer Trump nog een week of twee weken deze campagne zal doorzetten en daarna hoopt dat de Iraanse bevolking het heft in eigen handen neemt, met ondersteuning van Amerika. Mocht de regering dan inderdaad wisselen, dan komt er veel olie op de markten, die de prijs van olie wel eens richting de $40 kan duwen. Dit zou een enorme stimulans zijn voor de wereldeconomie. De huidige prijsdalingen zien we als tijdelijk. Iets waarvan we kunnen profiteren met de gelden welke we nog niet belegd hadden. Voorzichtig verkopen wij onze olieaandelen. We positioneren ons voor een fors herstel van de beurzen. Zelfs met de daling van vrijdag, ligt de S&P 500-index “maar” 3% onder de recordstand. Veel aandelen laten een grotere daling zien. Dit terwijl hun resultaten vaak beter waren dan verwacht. Wij willen geen held spelen, maar wij denken dat we dichtbij een bodem aanzitten. Daar waar de prijs van een vat olie naartoe gaat, zo gaan de aandelenmarkten mee. Wij denken dat de prijs van een vat olie lager zal liggen volgende maand, dan waar we nu staan. De verwachting is dat de indexen dan ook hoger zullen staan. De tijd zal het leren, maar wij denken dat dit een goed moment kan zijn om te gaan beleggen.